Terug naar filmpjes menu

Diagnose – MRI 4/7

MRI
Een MRI wordt niet zo vaak gedaan. Heel soms is het nodig.Bijvoorbeeld bij jonge vrouwen met nog stevig, ondoorzichtig weefsel. Of bij zussen van borstkankerpatiënten met verdenking op erfelijkheid. Of bij vrouwen met bobbelige borsten (mastopathie).
Bij een MRI wordt een scan van de borst gemaakt. De arts spuit eerst contrastvloeistof in uw arm.
U ligt voor de MRI op uw buik in een tunnel. Uw borsten zakken door twee gaten in het bed naar beneden. Tumorweefsel neemt de contrastvloeistof gemakkelijk op. Dus als er een tumor zit, is hij goed te zien. U heeft een koptelefoon met muziek op uw hoofd, door een microfoontje kunt u met de verpleegkundige praten. De MRI werkt met radiogolven en maakt veel plaatjes van de borst. De borst wordt op de foto in plakjes verdeeld. Het apparaat kan veel lawaai maken, heel naar, maar het is normaal en u moet er niet van schrikken.

Waarom is een MRI soms moeilijk voor een patiënt?
- de patiënt kan bijvoorbeeld niet tegen kleine ruimtes.
- of de patiënt is nogal groot.
- of de patiënt kan de verpleegkundige niet begrijpen.

Waarom wordt een MRI niet zo vaak uitgevoerd?
- het is een lang onderzoek (30 minuten)
- patiënten vinden het ‘eng’
- niet overal staat een MRI- apparaat beschikbaar
- de MRI geeft soms onnodige foutmeldingen en dat kan onrust geven
- vaak zijn een mammografie en echografie voldoende
- het is een kostbaar onderzoek